Mawlamyine

geplaatst in: Myanmar | 1

We brachten twee dagen door in Mawlamyine. Op de eerste dag bezochten we het stadje. Er waren wel heel wat leuke koloniale gebouwen, maar toch was dit stadje maar zo zo. Het was echt heel lokaal, waardoor er ook niet echt leuke restaurantjes te vinden waren waar je zeker van kon zijn dat je er geen voedselvergifteging zou oplopen. In de stad zelfs verplaatsten we ons met scootertaxi’s. Dat zijn dus mensen die een blauw vestje aan hebben en door de stad rijden. Deze kan je dan tegen houden zoals een echte taxi. Rein en ik pasten nét met zijn tweetjes achterop. Zo hebben we twee pagoda’s met prachtige uitzichten bezocht.

We hebben vanaf hier ook een uitstap naar Shampoo Island gedaan. Hier konden we met de boot naartoe. Het was vooral opvallend dat we onze schoenen al in de boot moesten achterlaten. (Schoenen moet je hier namelijk overal uitdoen als je het hotel binnenkomt, en vooral ook wanneer je een tempel betreedt.) De lokale bevolking is hier heel streng op. Ooit is er zelfs ergens in een tempel een gevecht geweest tussen monnikken en toeristen, omdat de toeristen hun schoenen niet wilden uit doen. Het ergste van al: de monnik is hiervoor bestraft geweest… Als toerist kan je hier blijkbaar heel moeilijk iets verkeerd doen. Shampoo Island, is een heel klein eilandje waar monnikken op wonen. Het staat vol geplant met kleine tempeltjes en Boeddha-beelden. We kregen hier een rondleiding van een monnik die geen Engels kon, en alles aanwees in zijn boekje. En hij schonk ons zelfs een hele tros bananen!

Op de tweede dag bezochten we met een taxi de bezienswaardigheden rond de stad. Hoewel, een taxi kan je het niet echt noemen. Dit was eerder een kleine camoinette met laadbak. En wij zaten dus in de laadbak op een kussentje. Avontuurlijk! De eerste, en meteen ook meest indrukwekkende stop was een klooster. We kwamen hier net aan wanneer het voor de monniken tijd was om te eten. De monniken leven van donaties, mensen zoals ons koken dus voor hen. Om het eten op te halen schuiven de monniken allemaal aan in een rij, één voor één. Ze hebben hun ijzeren pot vast waar het eten in gedaan wordt. Dit was echt speciaal om te zien: 500 monikken in een rij, die nietszeggend om de zoveel tijd samen een stapje naar voren zetten. Wanneer ze bij de donateurs aankomen, kiezen ze – nog steeds niets zeggend – wat en hoeveel ze graag willen. Er was echt veel keuze en het eten zag er zeker niet slecht uit. Wanneer ze hun eten hadden, gingen ze in een zaal op hun matje op de grond zitten om te eten. Weeral: in volledige stilte.Bij het naar buiten gaan drongen de donateurs er bij ons op aan om ook mee te eten. Ze waren zo trots op wat ze allemaal gemaakt hadden. En het moet gezegd: het was echt lekker!

De volgende stop was een gigantische liggende Boeddha. Deze was was 180 meter lang, 30 meter hoor. Echt ongelofelijk. Binnen in de Boeddha was een gek beelden museum. En bovenop had je een prachtig panoramisch uitzicht over de met bomen en stupa’s bedekte bergen. Iets verder had je ook honderden beelden van monikken die in een rij staan, met hun pot voor het eten. Dit was precies hetzelfde als wij eerder op de dag in het echt gezien hadden. Indrukwekkend hoe veel en hoe grote religieuze beelden er hier in dit land te vinden zijn!

 

 

 

 

 

 

 

Laat een reactie achter